GemeenteBelangen Veendam

Betoog inzake aanpassing Speelruimtebeleid gemeente Veendam

 

Naast het reeds bestaande budget voor de speelterreinen heeft de Raad een extra budget beschikbaar gesteld van € 150.000,-, als een extra impuls. Speelvoorzieningen in wijken zien wij als een kwalitatieve impuls om kinderen te stimuleren om samen buiten te spelen, wat goed is voor hun sociale- en fysieke ontwikkeling. Het geeft tevens levendigheid in de wijk en betrekt ook ouders bij de directe leefomgeving.

In de voorliggende notitie wordt een beeld geschetst van de huidige situatie en ontwikkelingen. Op en aantal punten verschillen wij van mening over de toekomstige richting van het speelruimtebeleid. En ook missen wij een aantal zaken die voor ons belangrijk zijn om tot een goede uitvoering van dit beleid te komen.

De demografische ontwikkelingen binnen wijken zijn hierbij van groot belang. De notitie behandeld wel de demografische ontwikkeling van Veendam als totaal, maar niet per wijk. En dit is essentieel om op wijkniveau te kijken naar welke voorzieningen wenselijk zijn.

Tevens wordt de nadruk gelegd op de wat grootschaliger voorzieningen als de WOP’s, terwijl wij ook juist de kleinschaliger voorzieningen voor de jongste jeugd belangrijk vinden. Deze jeugd speelt nog in de straat en bezoekt geen WOP.

Verder zijn wij van mening dat het moet gaan om speelruimtebeleid in de wijken en buurten. Borgerswold hoort hier wat ons betreft niet bij. Daarvoor zijn aparte budgetten beschikbaar en is een aparte visie opgesteld. Het door deze raad beschikbaar gestelde extra budget zou uitsluitend gebruikt moeten worden voor de voorzieningen in de wijken.

Wat wij verder missen is een concreet uitvoeringsplan. Gezien het tijdsbestek sinds de besluitvorning in deze raad en het voorliggende voorstel, zijn wij teleurgesteld dat wij op dit punt nog geen concrete uitwerking zien.

Wij maken daarom ook de volgende opmerkingen bij de argumenten in het raadsvoorstel:

  1. Door ontwikkelen WOP’s; hierin is de afgelopen jaren fors geïnvesteerd. Onderhoud en beheer zijn wat ons betreft voldoende.
  2. Terugdringen van kleine speelplaatsen is wat ons betreft niet aan de orde. Juist voor de kleinsten is het belangrijk dat er speelplaatsen in de directe woonomgeving zijn. Wel moet er een analyse zijn waar behoefte is aan deze speelplaatsen en waar deze speelplaatsen niet meer nodig zijn.
  3. Initiatieven vanuit de wijken moeten ondersteund worden, maar gelden niet alleen voor de WOP’s, maar voor alle speelvoorzieningen binnen de wijk
  4. Een integrale benadering juichen wij toe. Wij vragen ons wel af waar de particuliere speeltuinen met financiële drempel zich bevinden?
  5. Borgerswold valt wat ons betreft buiten het werkingsgebied van deze notitie.
  6. Communicatie valt samen met punt 3
  7. Ondersteunen wij, 1 helder aanspreekpunt voor ontwikkeling, onderhoud en budgetbeheer.
  8. Beheer en onderhoud zijn primair een taak van de gemeente.

 

Om tot een concrete uitvoering van het beleid te komen stellen wij het volgende voor:

  1. Stel per wijk vast wat de huidige stand van zaken is per speelvoorziening: wordt deze nog voldoende gebruikt, wat is de staat van onderhoud, en voorziet het in de behoefte?
  2. Kijk op basis van een demografische analyse van de wijk wat de verwachte behoefte is voor de komende 5-10 jaar.
  3. Stel op basis hiervan per wijk een budget vast vanuit het beschikbaar gestelde (extra) budget.
  4. Organiseer per wijk een inloopavond op een van de lagere scholen, zodat ouders van spelende kinderen optimaal worden bereikt en direct betrokken worden.
  5. Ga daar in gesprek over de behoefte aan de hoeveelheid en aard van de speelvoorzieningen. En stel samen met de bewoners, met inachtneming van het beschikbare budget, vast wat de wensen en mogelijkheden zijn in de betreffende wijk.
  6. Maak aan de hand hiervan een concreet uitvoeringsplan met als streven om een en ander voor 31-12-2017 te hebben gerealiseerd.

Uitgangspunten hierbij zijn:

Ø  Te komen tot speelvoorzieningen die passen bij de behoefte van de wijk qua leeftijd van de kinderen

Ø  Te komen tot een praktische herverdeling van de huidige speeltoestellen over de wijken naar de specifieke behoefte binnen die wijken

Ø  Eventuele aanvullingen van toestellen of inrichting van speelterreinen ook  te financieren vanuit het extra beschikbaar gestelde budget

 

Voorzitter,

Wij stellen dus voor om de participatie met name aan de voorkant vorm te geven door de wijk te betrekken bij het vaststellen van de behoefte van de aard en vorm van de speelvoorzieningen en de bewoners hierin zelf keuzes te laten maken. Dit vergroot de betrokkenheid bij de uiteindelijke voorziening. Deze methode is vergelijkbaar met die van het groenbeleid binnen de wijken waar goede resultaten mee behaald zijn.